Heeft u een aanmerkelijk belang in een BV met beleggingsvastgoed? Sinds 1 januari 2010 kunnen uw erfgenamen geen gebruik meer maken van de doorschuifregeling. Hierdoor kan het gebeuren dat uw partner of kinderen direct maximaal 20% erfbelasting plus 25% box 2-belasting moeten betalen over een aanmerkelijk belang dat zij door een erfenis verkrijgen. Voor kleinkinderen en overige verkrijgers gelden voor de erfbelasting nog hogere percentages.

De Belastingdienst maakt namelijk een onderscheid tussen BV’s die een onderneming voeren en BV’s die beleggen. Wie een onderneming erft, kan onder voorwaarden gebruik maken van de doorschuifregeling en zo uitstel van betaling van inkomstenbelasting in box 2 krijgen. Voor beleggingsvermogen geldt deze regeling sinds 2010 niet meer. Daardoor moet u direct 25% belasting betalen over het aanmerkelijk belang dat u erft. Om dit te financieren, lijkt het logisch om uzelf dividend uit te keren uit de geërfde aanmerkelijk belangaandelen. Maar precies daar zit het venijn. Want ook over de dividenduitkering heft de fiscus 25% box 2-belasting.

Voorkom dubbel belasting

Om de heffing te voorkomen en het dubbel betalen van belasting tegen te gaan, is er een extra artikel opgenomen in de Wet op de inkomstenbelasting. Dat stelt dat er vrijstelling is van box 2-belasting over het uit te keren dividend als aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • U heeft de aandelen waarop het dividend wordt uitgekeerd uit een erfenis verkregen;
  • Het dividend is niet hoger dan het bedrag dat bij de overledene als inkomen uit aanmerkelijk belang is belast;
  • Het dividend wordt binnen 24 maanden na het overlijden uitgekeerd;
  • Het uitgekeerde dividend vermindert de verkrijgingsprijs van de aandelen;
  • Als erfgenaam moet u een verzoek hebben ingediend om het dividend onbelast te mogen uitkeren.

Aanvullend besluit

Hoewel deze regeling gunstig lijkt, zitten er in de praktijk haken en ogen aan. Want wat als een echtpaar in gemeenschap van goederen is getrouwd, de aandelen van hun vastgoed-BV in die gemeenschap hebben opgenomen en één van de partners overlijdt? Dan valt de helft van het vermogen in de erfenis en de andere helft niet.

De BV kan juridisch gezien alleen dividend over alle aandelen uitkeren, niet enkel over het deel dat is geërfd. Daardoor zou de erfgenaam in dit geval over de helft van het dividend alsnog belasting in box 2 moeten betalen.

Staatssecretaris Wiebes van Financiën heeft bevestigd dat deze situatie niet in lijn is met de doelstellingen van het nieuwe wetsartikel. Daarom heeft hij in een aanvullend besluit van 17 september 2014 vastgesteld dat in het bovengenoemde voorbeeld al het uitgekeerde dividend is vrijgesteld van inkomstenbelasting, mits aan alle andere voorwaarden wordt voldaan.

Compagnon versus erfgenaam

Helaas zijn daarmee nog lang niet alle problemen van de baan. Er zijn meerdere situaties denkbaar waarbij er alsnog box 2-belasting wordt geheven over het uitgekeerde dividend op de geërfde aanmerkelijk belangaandelen. Denk aan de situatie wanneer sprake is van twee compagnons die een vastgoedportefeuille bezitten en één van beide overlijdt. De partner van de overleden aandeelhouder erft diens erfdeel en komt in aanmerking voor vrijstelling van inkomstenbelasting in box 2 over het uit te keren dividend op de aandelen. Voor de overgebleven compagnon geldt dit echter niet, hij is immers geen erfgenaam. In een dergelijke situatie zou het omzetten van het belang naar een ander soort aandelen een oplossing kunnen zijn.

Aandelen naar langstlevende compagnon

Ook kunnen de statuten van de BV de uitvoering van de voorwaarden van het besluit van de staatssecretaris belemmeren. Stel dat de compagnons in de statuten van hun BV hebben opgenomen dat de aandelen van hun bedrijf eerst aan de langstlevende compagnon moeten worden aangeboden: mocht hij/zij ze overnemen, dan worden de aandelen in principe verkocht en moet de partner van de overleden compagnon de aanmerkelijk belangclaim van 25% betalen. Dat is geen probleem als de BV voldoende liquide middelen heeft om de koopsom te betalen, maar is dit niet het geval, dan kan de compagnon geen onbelast dividend uit de BV halen omdat hij geen erfgenaam is. In die situatie moet de partner het belastinggeld uit eigen middelen voorschieten.

Slecht testament

Ook een testament kan voor problemen zorgen, bijvoorbeeld wanneer de partner de bezittingen en de schulden van de BV erft terwijl de aandelen naar de kinderen gaan. De partner kan de belastingschuld niet voldoen door middel van een onbelaste dividenduitkering omdat deze geen aandelen heeft geërfd. De kinderen kunnen wel onbelast dividend laten uitkeren, maar zij zijn niet verplicht om de belastingschuld te betalen, omdat de schuldenaar hun langstlevende ouder is.

Een mogelijke oplossing is dat de kinderen hun moeder of vader in dat geval geld lenen om de belasting te kunnen betalen. Maar het is natuurlijk beter om de formulering van het testament aan te passen, bijvoorbeeld door de kinderen ook de inkomstenbelastingschuld te laten ‘erven’.

Ingewikkeld?

Heeft u een aanmerkelijk belang in een BV met beleggingsvastgoed? Dan kunnen de regels rondom dit thema erg ingewikkeld zijn, zo blijkt uit de tekst hierboven. Schakel daarom altijd een gecertificeerd financieel planner in. De financieel planner is specialist in het adviseren bij complexe financiële zaken en is op de hoogte van alle gevolgen van het erven van aandelen van een BV met beleggingsvastgoed.