Na een lobby van meer dan tien jaar is in 2014 de Wet lesbisch ouderschap van kracht geworden. Daarmee is er een einde gekomen aan een rechtsongelijkheid tussen lesbische- en heterostellen. En dat komt niet alleen de ouders, maar vooral de kinderen ten goede.

Voor 1 april 2014 kon de duomoeder, de partner van de biologische moeder, alleen juridisch ouder worden van hun kind door het voeren van een omslachtige en dure adoptieprocedure bij de rechtbank. Bij heterostellen van wie de vrouw zwanger werd met behulp van een zaaddonor, was – en is – de echtgenoot wel automatisch juridisch ouder van het kind, omdat dit binnen het huwelijk is geboren.

Automatisch juridisch ouder

Die scheve situatie is nu gerepareerd. Sinds de invoering van de Wet lesbisch ouderschap wordt de duomoeder automatisch juridisch ouder als zij met de natuurlijke moeder is getrouwd of een geregistreerd partnerschap heeft.

De duomoeder wordt ook automatisch juridisch ouder wanneer het stel een certificaat kan overleggen van een Nederlandse vruchtbaarheidskliniek waaruit blijkt dat de zwangerschap tot stand is gekomen met behulp van onbekend donorzaad.

In andere gevallen kan de duomoeder het kind eenvoudig op het gemeentehuis erkennen en hoeven de moeders hiervoor niet langer een gerechtelijke procedure te voeren. De natuurlijke moeder moet dan wel uitdrukkelijk toestemming geven voor de erkenning.

Voordelen

Maar wat zijn nu de voordelen, buiten natuurlijk de emotionele aspecten? We noemen er drie, die in de praktijk veel impact hebben. Zo werd een kind met twee lesbische moeders in de oude situatie voor de wet een wees als de natuurlijke moeder overleed en de duomoeder het kind niet via de rechter had geaccepteerd. Ook dat is nu gerepareerd.

Verder heeft het kind in de nieuwe situatie twee juridische ouders, die ook allebei een zorgplicht hebben. Deze duurt in principe tot zijn of haar achttiende verjaardag. Dat betekent tevens dat de regels van de kinderalimentatie van kracht zijn, mochten de moeders scheiden.

Ook voor het erfrecht maakt het juridisch ouderschap een groot verschil. Voor kinderen in de zin van de wet geldt namelijk een vrijstelling van ruim € 20.000 (2015) voor de erfbelasting. Zou de duomoeder geen juridisch ouder zijn, dan zou dit bedrag slechts € 2.111 (2015) bedragen. Datzelfde geldt overigens voor de ouders van de duomoeder, die in dat geval immers juridisch gezien niet de grootouders zijn.

Financieel planners helemaal op de hoogte

De Wet lesbisch ouderschap heeft dus ook in financiële zin grote impact. Gecertificeerd financieel planners met het FFP-Keurmerk zijn volledig op de hoogte van de veranderingen die de nieuwe wet met zich meebrengt. Zij moeten, om het Keurmerk te mogen voeren, elk jaar een bijscholingstraject volgen, de zogenaamde Permanente Educatie. Alleen zo kan de FFP immers haar hoge kwaliteitseisen waarborgen.

Voor u betekent dit dat een financieel planner u gericht kan adviseren over zaken die van toepassing zijn op uw specifieke situatie omdat hij of zij altijd over actuele kennis beschikt. Dat geldt natuurlijk niet alleen voor bovenstaand voorbeeld, maar ook waar het andere onderwerpen betreft die te maken hebben met inkomen en vermogen.