Het partnerpensioen is vaak lager dan mensen denken. Soms krijg je zelfs helemaal geen partnerpensioen. Wanneer moet je extra alert zijn? En wat kun je zelf regelen?

Vrijwel alle werknemers nemen deel aan een pensioenregeling. Als ze met pensioen gaan, krijgen ze hun hele leven lang een ouderdomspensioen. Als ze overlijden, krijgt hun partner een nabestaandenpensioen. Goed geregeld toch? Lang niet altijd. Partnerpensioen wordt niet in elke situatie uitgekeerd en vaak valt de uitkering tegen. ‘Grofweg kun je rekenen op de helft van het inkomen van de overleden partner’, zegt Jacqueline van der Vorm, onafhankelijk financieel planner in Hoofddorp. Soms is het minder, bijvoorbeeld als er een ex-partner is die ook recht heeft op partnerpensioen.

In het Pensioenregister (www.mijnpensioenoverzicht.nl) kun je zien hoe hoog het partnerpensioen is. ‘Kijk niet alleen naar het pensioen’, adviseert Greet Vernooij, onafhankelijk financieel planner in Nederhorst den Berg. ‘Misschien zijn er verzekeringen die uitkeren bij overlijden, zoals een lijfrente. Of een verzekering waardoor de hypotheek vrij komt als een van de partners overlijdt. Dan gaan de maandlasten omlaag en is er minder inkomen nodig.’

Als duidelijk is dat het inkomen na het overlijden van een van de partners te laag zal zijn, is een overlijdensrisicoverzekering vaak een goede oplossing. ‘De premies zijn laag omdat de verzekering net zo werkt als een brandverzekering. Geen brand, geen uitkering’, aldus Van der Vorm. Een dertiger die zich voor de komende 25 jaar verzekert voor €100.000 is per maand nog geen €15 aan premie kwijt. Vernooij: ‘Je bepaalt zelf waarvoor je het verzekerde bedrag gebruikt. Bijvoorbeeld om de hypotheek af te lossen of om het inkomen aan te vullen.’

Zes situaties waarbij je extra moet opletten, met bijpassend advies:

1. Samenwonen? Niet automatisch partnerpensioen

Stellen die ongehuwd samenwonen hebben meestal niet automatisch recht op partnerpensioen. ‘Pensioenuitvoerders eisen bijna altijd een notarieel samenlevingscontract, omdat er anders geen basis is om iets uit te keren’, zegt Lucy Kok, onderzoeker bij SEO Economisch Onderzoek. ‘Dat je op hetzelfde adres bent ingeschreven in de Basisregistratie van de gemeente is meestal niet voldoende. Op hetzelfde adres wonen hoeft niet te betekenen dat je samenwoont.’ Ook moet je bij de meeste pensioenfondsen de partner zelf aanmelden. Bij een huwelijk of geregistreerd partnerschap hoeft dat niet. De Ombudsman Pensioenen heeft al heel wat zaken behandeld van mensen die minstens tien jaar samenwoonden en kinderen hadden, maar waar geen partnerpensioen werd uitgekeerd na het overlijden van een van de partners. ‘Soms zijn fondsen coulant, maar ze hoeven niet uit te keren’, aldus Kok.

Een nieuwe ontwikkeling is dat pensioenregelingen uitgaan van een ‘onbepaalde partner’. Kok: ‘Dan hoef je geen partner aan te melden. Na je overlijden onderzoekt het fonds of er een partner is die recht heeft op nabestaandenpensioen.’ Maar voorlopig zijn pensioenregelingen die rekening houden met een ‘onbepaalde partner’ nog zeldzaam.

De oplossing?

‘Informeer bij je pensioenfonds naar de regels, want die zijn overal weer anders en meld je partner aan’, adviseert Van der Vorm

2. Eigen inkomen? Geen ANW

Zoals alle ouderen AOW krijgen, zo kregen vroeger alle weduwen – en later ook weduwnaars – een nabestaandenuitkering van de overheid. Tegenwoordig krijgen nabestaanden alleen nog een volledige ANW-uitkering (bijna €1200 per maand bruto) als ze kinderen onder de achttien jaar hebben en hun eigen inkomen heel laag is. Zodra een nabestaande partner zelf meer dan zo’n €800 bruto verdient, wordt er gekort op de ANW. Bij een inkomen vanaf zo’n €2500 krijg je helemaal geen ANW. ‘Stellen hebben meestal allebei een inkomen, dus er wordt steeds minder vaak ANW uitgekeerd’, zegt Kok. ‘In 2012 kregen nog bijna 75.000 nabestaanden een ANW-uitkering. In 2016 waren het er nog maar 33.000.’

De oplossing?

‘Ga bij je eigen pensioenfonds na hoe het zit’, zegt Vernooij. ‘In sommige pensioenregelingen krijg je een aanvulling op het partnerpensioen als je geen recht hebt op ANW. Dan krijg je een extra bedrag totdat de AOW ingaat. Ook zijn er pensioenregelingen waar je vrijwillig een ANW-hiaatverzekering kunt afsluiten.’

3. €100.000-plus verdiener? Te weinig pensioenopbouw

Sinds 2015 geldt er een fiscaal maximum voor pensioenopbouw. Werknemers bouwen pensioen op over een salaris van maximaal ongeveer €100.000. Als ze meer verdienen, is er over dat deel geen pensioenopbouw. Dit betekent dat hun ouderdomspensioen straks lager uitpakt, maar het heeft ook consequenties voor het partnerpensioen. Bij een inkomen van pakweg €200.000 zou het partnerpensioen voorheen misschien €90.000 zijn, maar nu nog geen €50.000.

De oplossing?

‘Dat de fiscus tot €100.000 helpt met de opbouw van je pensioen, staat los van wat je zelf afspreekt met je werkgever’, stelt Van der Vorm. ‘Pensioen is niets anders dan uitgesteld loon.’ In sommige pensioenregelingen is het mogelijk het partnerpensioen netto bij te verzekeren. Misschien biedt de werkgever een nettopensioen aan. Dan is de premie niet aftrekbaar, maar over de uitkering hoeft de partner later geen belasting te betalen. ‘Een andere optie is een nabestaandenlijfrente’, zegt Vernooij. ‘Je bepaalt zelf of je een tijdelijke of een levenslange uitkering wilt.’ Ook in dit geval zal de premie waarschijnlijk niet aftrekbaar zijn, maar is de uitkering eveneens onbelast. Vernooij: ‘Een overlijdensrisicoverzekering kan ook. Dat is eenvoudiger.’

4.Groot leeftijdsverschil? Lagere uitkering

Sommige pensioenregelingen keren een lager partnerpensioen uit als er een groot leeftijdsverschil is tussen de partners. Als de partner veel jonger is, moet het fonds immers veel langer een partnerpensioen uitkeren. Uit de rechtszaken die hierover de afgelopen jaren gevoerd zijn, blijkt dat deze leeftijdsdiscriminatie niet mag. Maar er is geen sprake van terugwerkende kracht. Dus bij pensioenaanspraken die op oude reglementen gebaseerd zijn, kan het zomaar gebeuren dat de jongere partner een lagere uitkering krijgt. ‘Ik kom dat af en toe tegen’, zegt Van der Vorm. ‘Bijvoorbeeld een korting op het partnerpensioen van 2,5% of 3,0% voor ieder jaar dat het leeftijdsverschil groter is dan tien jaar.’ Hierdoor kan een twintig jaar jongere partner zo maar 30% minder pensioen krijgen.

De oplossing?

‘Een overlijdensrisicoverzekering is de eenvoudigste manier om voor extra middelen te zorgen’, zegt Van der Vorm.

5. Partnerpensioen op risicobasis? Na pensioen geen partnerpensioen

Ouderdomspensioen wordt altijd opgebouwd. Partnerpensioen niet altijd. Soms wordt het opgebouwd, soms is het op risicobasis verzekerd, soms is het een combinatie. Als het partnerpensioen verzekerd is op risicobasis, wordt dit alleen uitgekeerd zolang degene die ouderdomspensioen opbouwt nog niet met pensioen is. Als deze partner overlijdt terwijl hij met pensioen is, krijgt de partner geen nabestaandenpensioen.

Foto: iStock/Getty Images

De oplossing?

‘Zodra je met pensioen gaat, kun je aan je pensioenregeling doorgeven dat je een deel van deouderdomspensioenopbouw wilt gebruiken om een partnerpensioen in te kopen’, zegt Kok. Volgens Vernooij gebeurt dit bij sommige pensioenregelingen vanzelf. ‘Dan moet je in actie komen als je het niet wilt.’ Een pensioenfonds kan dit alleen maar automatisch doen als bekend is dat er een partner is. Dat weet het fonds alleen alsmensen getrouwd zijn of een geregistreerd partnerschaphebben. Als mensen ongehuwd samenwonen, weet het fonds het alleen als de partner officieel is aangemeld.

6. Ex-partners? Het partnerpensioen wordt verdeeld

Als er een ex-partner is, bestaat de kans dat de huidige partner en de ex-partner het partnerpensioen moeten delen. ‘Het hangt af van de afspraken die bij de scheiding gemaakt zijn’, zegt Kok. ‘Maar ook van de pensioensystematiek.’ Bij een opgebouwd nabestaandenpensioen kan het zo zijn dat een deel ervan naar de ex-partner gaat. ‘Tegenwoordig hebben veel pensioenregelingen een nabestaandenpensioen op risicobasis’, aldus Kok (zie onder punt 5). ‘Dan is er geen uitkering voor de ex-partner, alleen voor de eventuele huidige partner.’

De oplossing?

Ook in dit geval is een overlijdensrisicoverzekering de simpelste oplossing.

Bron: De Financieele Telegraaf